Johannes van Dreght
BiografieOver de kunstenaar
Johannes van Dreght junior (Joannes). In Amsterdam geboren en gedoopt op 14 november 1737 in de gereformeerde Amstelkerk. Zijn vader was ‘witwerker’, d.w.z. hij vervaardigde witmetalen voorwerpen zoals messen en scharen. De hierna volgende informatie over de loopbaan van Joannes als kunstschilder is vooral ontleend aan het boek “In de ban van het beeld, opstellen over geschiedenis en kunst” van Dedalo Carasso.
Joannes begon zijn loopbaan op het atelier van de kunstenaar Jacobus van Velsen. Op 4 juli 1758 verwierf hij het poorterschap van Amsterdam, en enkele dagen later werd hij door koop lid van het St. Lucasgilde. Op 29 mei 1761 ging Joannes van Dreght in ondertrouw, huwelijk op 14 juni 1761, met Hendrina van Leeuwen (gedoopt Amsterdam 15 maart 1733), en zij kregen drie dochters. Zij woonden in de Kerkstraat, niet ver van de Amstel.
Het lidmaatschap van het St. Lucasgilde was een soort middenstandsdiploma. Wie in de tweede helft van de achttiende eeuw in Amsterdam artistiek wilde meetellen, moest zich in de kring van de Amsterdamse stadstekenacademie bewegen, een genootschap van aanzienlijke burgers en kunstenaars, op grond van bekwaamheid in drie klassen verdeeld. Joannes van Dreght schreef zich op 19 november 1766 bij de tekenacademie in, waarvan hij tot 1802 lid bleef. Zijn talent werd gewaardeerd. In 1768 ontving hij de eerste prijs in de derde klas. Hij ging naar de tweede klas en won in 1769 wederom de eerste prijs. In 1773 ontving hij tenslotte de gouden medaille van de eerste klas. Toen in het Amsterdamse stadhuis op de Dam een expositiezaal voor kunstenaars van de academie werd ingericht, heeft hij als enige van deze faciliteit gebruik gemaakt.
Hij schilderde landschappen en figuren (grisailles). Naast ezelschilderijen of portefeuilletekeningen was hij vooral in het toegepaste vlak werkzaam. Hij heeft decoratiewerk vervaardigd zoals in 1774 de zaal van de Hollandsche Schouwburg te Amsterdam. Vrij veel decoratief werk van zijn hand heeft de tand des tijds doorstaan. Hij behoorde tot de vele kunstenaars die voorzagen in de behoefte aan beschilderde behangseldoeken, luxe sleepkoetsen, pronksleden, plezierjachten, rijtuigen, schouwen, decors, waaiers etc. Hij heeft ook grote decoratiestukken met “hofgezichten” en plafondschilderingen geschilderd voor diverse huizen (o.a. schoorsteenstukken in het stadhuis in 1772, in de panden Herengracht 518 en 520 en in het Corvershof in 1778).
Ook schilderde hij toneeldecors voor de Amsterdamse schouwburg. Hij had een welgestelde en artistiek ontwikkelde klantenkring. Zijn werk getuigt van een nieuwe visie op de klassieke oudheid, het neoclassicisme; Joannes van Dreght was de meest uitgesproken neoclassicist onder de Nederlandse schilders. Waarschijnlijk had hij ook pedagogische kwaliteiten, want hij had relatief veel (zo’n twaalf of dertien) leerlingen. De behangschilder Jurriaan Andriessen was één van zijn leerlingen. De later bekende dichter Willem Bilderdijk dankte zijn vaardigheden als tekenaar en etser aan het onderwijs van Joannes van Dreght, die vanaf omstreeks 1770 gedurende tien jaar zijn leraar was geweest.
Op 3 november 1779 kocht Johannes van Dregt een huis en erf aan de Amstelkerkstraat zuidzijde (nu Kerkstraat), tussen Amstel en Utrechtsestraat; op 28 januari 1806 verkocht hij dit huis weer. Politiek ging de voorkeur van Joannes uit naar de patriotten, die tamelijk gecharmeerd waren van de Romeinse Republiek. Toen in 1781 en in 1792 “De barbier van Sevilla”, een toneelstuk van Beaumarchais in de stadschouwburg werd opgevoerd, schilderde Van Dreght het decor. Vanaf 1787 profileerde hij zich nog scherper als patriot en maakte schilderijen met uitgesproken politieke strekking. In 1795 werkte hij mee aan de versieringen die bij de feesten ter ere van de Bataafs-Franse Alliantie op de pleinen van Amsterdam werden opgericht.
Daarna werd er niet meer van hem gehoord, hij schijnt zich tijdens zijn laatste levensjaren te hebben teruggetrokken. Johannes van Dreght is overleden op 7 oktober 1807 en werd op 12 oktober 1807 in de Nieuwezijds Kapel te Amsterdam begraven. Overlijdensadvertentie:
“Het behaegde het Opperwezen, myn waarden Echtgenoot, JOHANNES VAN DRECHT, Konst-Schilder, na een langzaam verval van krachten, in den ouderdom van byna 70 Jaaren, na eene genoeglyke Echtverbindtenis van ruim 46 Jaaren, uit myne liefdearmen te ontrukken. Geeve van dit, voor my en myne Kinderen, smartelyk verlies aan Vrienden en Bekenden kennis, verzoekende van Brieven van Condoleantie verschoond te blyven.
Amsterdam, 7 October 1807, HENDRINA VAN LEEUWEN, Wed. JOHANNES VAN DRECHT.”
Werk van Van Dreght bleef o.m. bewaard in Museum De Lakenhal Leiden, Westfries Museum Hoorn, Herenhuis Hooigracht 38 Leiden, Museum Boymans-van Beuningen Rotterdam, Rijksmuseum.Kröller-Müller Otterlo, Rijksprentenkabinet Amsterdam, Het Corvershof Amsterdam, Het Bilderdijkmuseum Amsterdam. In april 2010 heeft de gemeente Gilze-Rijen (N.Br.) besloten een straat in een nieuwbouwwijk in Rijen de naam ‘Johannes van Dreghtstraat’ te geven.
Zijn jongste dochter Anna (geboren 1768) trouwde in 1794 met Hermanus Klijnveld, apotheker. Dit paar maakt deel uit van het voorgeslacht van de acteur Willem Royaards. Na het overlijden van Hermanus in 1812 zette zij “de Affaire” (i.c. de apotheek) voort met een “deskundige meesterknecht” en haar oudste zoon. Deze zoon Jan Dirk Kleynveld was later apotheker van het tweede gesticht in Veenhuizen.





![RARE ARMORIAL MAP: LEO BRABANTIAE Lion of the most noble Duchy of Brabant] by Sibertus Waterloos](https://media-3.gallerease.com/images/325cc033-a3b6-495f-9da8-6d06caf29b14/350x350/rare-armorial-map-leo-brabantiae-lion-of-the-most-noble-duchy-of-brabant.jpg)










































